2010
De nieuwe Bolletje-campagne
Vanaf OKTOBER is er meer ‘oud nieuws’ over de nieuwe Bolletje-campagne!
Vanaf OKTOBER is er meer ‘oud nieuws’ over de nieuwe Bolletje-campagne!
In Zweden eet men maar liefst vier kilo knäckebröd per jaar. Daar komt dit smakelijke product dan ook vandaan. Het woord betekent letterlijk ‘breekbrood’. Vanaf 1960 wordt het in Nederland ook gegeten. In 2009 zijn we bij Bolletje begonnen met het maken van ons eigen knäckebröd. We maken het van tarwebloem, zout en gist. Het deeg rijst drie kwartier, we bakken het tien minuten en laten het daarna drogen. Het knäckebröd komt als een heel grote plak uit de oven. We zagen de reuzenplak in hapklare stukken en verpakken ze.
Bolletje maakt drie soorten, allemaal even bros en luchtig: volkoren, goudbros en sesam. Hartstikke läcker, alle drie!
Dieetgoeroe Sonja Bakker en voetbaltrainer Dick Advocaat waren erg populair in 2008. Bakkers boeken met adviezen om af te vallen stonden tijdenlang bovenaan in de bestsellerlijsten. Iedereen in Nederland was aan het Sonjabakkeren of overwoog om het te gaan doen.
Met die enorme hype speelde Bolletje in een serie van maar liefst 26 tv-spotjes. Daarin prees ‘Sonja, bakker bij Bolletje’ de gezonde en caloriearme eigenschappen van Bolletjes Bröd in de melk aan. Ze las haar teksten overduidelijk voor vanaf een tekstbord. Dat deed ze bijzonder klungelig, met als gevolg grappige versprekingen: ‘Eet ‘s ochtends Bolletje Bröd in de melk. Dat scheelt je zo 234 kilo. Eh… calorieën.’
Halverwege de serie spotjes met Sonja zien we ‘Dick, advocaat bij Bolletje’ voorbijkomen. Hij maakt uitgebreid excuses: ‘Sorry, we bedoelen echt alleen Sonja van Bolletje, niet iemand anders.’ In de filmpjes daarna krijgt Sonja een naambordje waarop niet meer staat ‘Sonja, bakker bij Bolletje’ maar ‘Sonja, woordvoerder bij Bolletje.’
Wie kent het niet: je wilt een beschuit uit de rol halen, je bent nog niet helemaal wakker, je wurmt onhandig en… je heerlijke ochtendbeschuitje breekt in tweeën. Daar moest toch iets op te vinden zijn, dachten we bij Bolletje. En zo bedachten we in 2002 de handige inkeping. In elke beschuit kwam een uitsparinkje waar je je vinger in steekt. En nu kan zelfs de meest onuitgeslapen ontbijter zijn beschuitje onbeschadigd tevoorschijn toveren. De paperclip, Post-It, de inkeping: de beste uitvindingen zijn vaak de simpelste!
Ik wil Bolletje! Dit vonden de kenners de beste Nederlandse slagzin van de 20e eeuw. Geweldig vinden wij dat!

De naam Bolletje slaat op de kleine deegbolletjes waar wij onze beschuit van bakken. Met die nieuwe naam gingen directeuren meneer Gerard en meneer Jan in 1954 naar een reclamebureau in Enschede. Daar bedachten ze ‘Ik wil Bolletje’. Met fantastisch resultaat. Want 96% van de Nederlanders kent het merk Bolletje, zo blijkt uit onderzoek!

8 SEPTEMBER is er meer ´oud nieuws´ over Bolletje bakkers op het witte doek.
Bolletje maakt al jaren lekkere dingen speciaal voor kinderen van 3 tot 9 jaar. In 1997 kwamen de Schuddebuikjes op de markt. Het was een nieuw broodbeleg: piepkleine koekjes in een vrolijk pak met een clown erop. Het dopje is een afdraaibare clownsneus. Uit de neus strooien kinderen ze zo op hun boterham. In het bijbehorende reclamefilmpje zien we een zeer zelfverzekerd jongetje met een carnavalsbuikje voor. ‘Ik wil geen domme, dikke, grotemannenbuik!’, roept hij. ‘Ik wil Schuddebuikjes!’ Hij gooit het plastic buikje aan de kant en strooit schuddend van het lachen zijn boterhammetje vol Schuddebuikjes. Bolletje bracht ze in de smaken vanille en speculaas op de markt. Dat was en dat is nog eens wat anders dan hagelslag of muisjes!
Mensen raken heel erg verknocht aan producten die vertrouwd zijn: het merk, de smaak, de geur, maar ook het formaat. Hoe groot of hoe klein kun je het vertrouwde beschuitje maken? In 1995 introduceerde Bolletje iets nieuws: Kleine Beschuit’. Het tv-spotje toonde in niet meer dan 25 seconden waar het om ging: Bolletje bracht een kleiner formaat beschuitje op de markt.
We zien een heel grote tafel, een heel grote stoel en een groot jongetje met één heel grote tand. ‘Ik wil Bolletje!’ roept hij en probeert het beschuitje te pakken. Daarna horen we oma: ‘O, wat is mijn kleine jongen groot geworden!’ ‘Nee, oma,’ moppert het jongetje, ‘ik ben niet groter geworden. Bolletje heeft kleine beschuit!’ ‘Nou, je hebt anders wel een grotere kop gekregen,’ stelt grootmoeder daarna nuchter vast…
Dat was in 1995. Helaas bakt Bolletje tegenwoordig geen kleine beschuiten meer. Er waren te weinig mensen die dit product kochten. Daarom besloten we enkele jaren geleden om te stoppen met het bakken van kleine beschuiten. Bolletje houdt het nu weer bij het oude, vertrouwde maatje. Wel hebben we een mogelijk alternatief voor dit product: onze Knapperbeschuitjes…
In 1994 maakten we opvallende reclame voor Bolletje Opzetbiskwie en Muntbiskwie. In acht verschillende spotjes komen acht kinderen in beeld. Ze kijken in de camera en vertellen zelfbewust wat ze willen. Ja, nog steeds klinkt op de achtergrond onze kreet ‘Ik wil Bolletje!’ mee, zelfs in de modernste reclames…
De een wil op berenjacht… en dan in de beren bijten waar de Opzetbiskwie van gemaakt is. De ander wil ‘heel veel geld, wel tien meloenen’ en hij hapt in de Muntbiskwie. De teksten zijn gedurfd en ogenschijnlijk hard. ‘Ik wil mijn oma een kopje kleiner maken. Ze is toch mank!’ (Opzetbiskwie in de vorm van een oma). ‘Ik wil mijn konijn opeten. Maar niet met kerstmis, nee, nú!’ (Opzetbiskwie in de vorm van een konijn). ‘Ik wil de meester in zijn bil bijten. Heel hard!’ (Opzetbiskwie in de vorm van een schoolmeester).
Het is erg vermakelijk om te horen dat voor bijna alle kinderen het woord Opzetbiskwie blijkbaar onuitspreekbaar is: ‘Ik wil Bolletje Opschuifkwikskie!’
3 SEPTEMBER is er meer ‘oud nieuws’ over schaatsers bij Bolletje.
In 1992 bestond Bolletje 125 jaar. Groot feest! De oude bakkerij waar het allemaal begon, knapten we in dat jaar op. We toverden hem om tot de ‘Bolletje Winkel & Koffieschenkerij Anno 1867’. Aan de Grotestraat-Zuid 182 in Almelo kunt u ons geboortehuis vinden. Het is nu een bakkerijmuseum waarin de sfeer van toen herleeft. U bent van harte welkom voor een rondleiding of voor koffie met een heerlijk product van Bolletje! We zijn open van 10.00 tot 17.30 uur (di-vr) en zaterdags van 10.00-17.00 uur. Voor een rondleiding wel graag even van te voren afspreken (0546-815911).
Een grappig en brutaal filmpje maakte Bolletje in 1991. Het ging om reclame voor Bolletje Knapperbrød. Natuurlijk lag de link met Zweden voor de hand. Acteur Frans van Deursen speelt een bebrilde nørd in een korte broek. Hij legt uit aan drie prachtige blote blondines op een vlot hoe ze ‘Bolletje Knapperbrød’ uit moeten spreken: ‘Heilemaol fout joh!’ Het is een populair filmpje op internet:
In 1991 bracht Bolletje de Kanelly’s op de markt: kaneelbiscuitjes. Het introductiefilmpje was verrassend. We zien twee vriendinnen gezellig aan de koffie. Ze bijten vergenoegd in een krakend verse Kanelly. ‘Yvonne, hij vindt je leuk!’, zegt de een tegen de ander enthousiast: ze zien een vliegtuigje dat in de lucht schrijft: ‘Yvonne, ik wil…’ De piloot eindigt zijn zinnetje verrassend nuchter: ‘…Bolletje.’
De Kanelly’s wisselden een paar keer van naam in de loop der jaren: eerst dus Kanelly’s, daarna Eindeloos kaneel en tenslotte Nogal Lange Koekjes kaneel. In 1995 kwam Bolletje met de Chonelly’s, ‘het lekkerste chocoladekoekje bij de thee.’ Annet Malherbe speelt een waarzegster die dezelfde twee vriendinnen eerst blij maakt en daarna diep teleurstelt: ‘Ik zie ein man. Die heeft viel geld. Der mann wil ein vrouw. Und der man wil…Bolletje. Vooral Chonelly’s!’ Ook deze koekjes varieerden in naam: van Chonelly’s, en Eindeloos chocolade tot Nogal Lange Koekjes chocolade.
Bolletje maakte bovendien nog koekjes met amandelen: Almonelly. Het bijbehorende tv-spotje uit 1998 was curieus. Een vrouwelijke militair inspecteert de kamer van een stel milva’s, vrouwelijke militairen. Ze is heeeeel streng en heeeeeel ongezellig. Maar na de inspectie eet ze gezellig een Almonelly met haar collegaatje. De voice-overstem zegt wat wij denken: Met Kanelly, Chonelly en Almonelly is het altijd Gezelly! Nog steeds gebruiken veel mensen dat woord. Dat was dus een heel sterke reclamespot…
Veel van Bolletjes reclamefilmpjes zijn ronduit meesterwerkjes. In 1986 werd het tv-publiek getrakteerd op een zeer geestig filmpje. Met een overdonderend slot. We zien een jaren ‘20 kamer in sepiakleuren. Een meisje speelt piano in alle rust. Een ouderwetse dirigent met zo’n plaksnorretje staat ernaast. Er hangt een elandengewei aan de muur. Opa, type gepensioneerd generaal, zit relaxt zijn geweer te poetsen. Zijn bloedhond zit ernaast. Alles beschaafd, degelijk en ouderwets, kortom koek en ei… Totdat oma haar koekje bij de koffie eens beter bekijkt. Als zij ziet dat het ‘potjandeurie’ een alledaags koekje is en geen Cho-Criche van Bolletje, slaat zij met de vuist op tafel: IK WIL BOLLETJE! Opa’s geweer gaat af, het gewei valt van de muur, het huis lijkt in te storten. Nee, ouderwetse, alledaagse koekjes kunnen echt niet meer, dat is duidelijk!
In 1986 brengt Bolletje tv-spotjes die steeds eindigen met het fraai gecomponeerde liedje over de prachtige samenwerking tussen boer, bakker en Bolletje. Waarschijnlijk kunnen heel veel mensen het melodietje zo zingen. In de spotjes steken de heren De Boer en Bakker elkaar de loef af: wie zorgt er nu het meest dat al die Bolletje-producten zo lekker zijn, is het de boer of is het de bakker? Het levert grappige gesprekjes op tussen de heren De Boer en Bakker…
‘Moet je horen De Boer: vers gebakken knäckebröd zegt KNEK!’ Meneer Bakker kijkt naat het tv-publiek en zegt droog: ‘Die is knek!’ En dan klinkt het bekende melodietje: Boer, Bakker, Bolletje…’ Bij de veelkorenbeschuit hetzelfde soort gesteggel: ‘Vertel eens Bakker, in die veelkorenbeschuit zitten vier granen: tarwe, gerst, rogge en boekweit. Waarom heet het dan niet viergranenbeschuit?’ ‘Omdat, mijn beste De Boer, onze veelkorenbeschuit véél meer is dan alleen jouw vier granen: veel beter gebakken, veel meer vakmanschap, dus veel lekkerder!’
Meneer Bakker kickt heel erg op zichzelf bij het volgende product: ‘De originele Twentsche beschuit… dat is toch het mooiste wat je kunt bakken De Boer? In een originele Twentsche oven. Dat zei mijn vader al en mijn vaders vader en…’ De Boer hoort meneer Bakker smakken en zegt: ‘Mijn vader zei altijd: niet met volle mond praten Bakker!’ Het vierde product van de concurrerende vrienden is mueslibeschuit. Meneer De Boer: ‘Zo’n mueslibeschuitje is toch wel een echte ode aan de boer!’ ‘Hoho’, zegt meneer Bakker, ‘die muesli moet wel bros meegebakken worden meneer De Boer! Die mueslibeschuit is door de bakker met groot vakmanschap gecomponeerd uit tarwe, noten, rozijnen en graan!’
‘Lekker smeuïg roggebrood’, schept De Boer op, ‘daarin herken ik mijn land, mijn werk.’ Bakker: ‘Mijn werk, zul je bedoelen De Boer, het vakmanschap van de bakker!’ De Boer begint te dromen. Hij wordt ineens heel poëtisch: ‘Ik proef de zon die over de goudgele akker trekt. Denkend aan Holland zie ik wuivende rogge fraai op oneindige akkers staan…’ Bakker haalt zijn schouders op. Hij knipoogt naar de tv-kijker. ‘Kom’, zegt Bakker, ‘ik ga maar weer eens aan het werk!’ En daar klinkt weer het liedje: Boer Bakker Bolletje…’
Het blijft een gouden vondst, de Bolletje-kreet: ‘Ik wil Bolletje!’ Hij is heel vaak gebruikt in de tv-reclames en hij werd altijd gevolgd door een ferme klap op tafel. Het leuke van de kreet was zeker ook dat Bolletje steeds mensen wist te krijgen die in het nieuws waren. Anton Geesink, voormalig wereldkampioen judo (in 1961 en 1964) en later bekend geworden als bestuurslid van het IOC, dat was zo iemand. Anton sloeg in 1986 zo hard op tafel dat het koffiekopje in scherven brak. Daarna klonk het alom bekende liedje Boer-Bakker-Bolletje en de tekst: ‘Eerlijk roggebrood uit de volle roggekorrel…’ – een mooie manier om de oude, succesvolle reclameslogan te koppelen aan de nieuwe campagne. ‘Ik wil Bolletje!’ was in 1954 bedacht om Bolletjes merkbekendheid heel groot te maken. Dat is goed gelukt. De reclame daarna (Boer-Bakker-Bolletje) maakte vooral duidelijk aan de klanten dat Bolletje een eerlijk natuurproduct is.
De legendarische Johan Cruijff deed zelf niet mee in het tv-spotje na Anton Geesink. Maar er was wel een jongetje ingehuurd dat op de jonge Johan leek. Hij droeg een Ajax-shirt met Cruijffs nummer 14 erop. Ook deze nummer 14 wilde per se Bolletje, en dan vooral de smeuïge koek van Bolletje… Rond 1986 speelde bij PSV de opvallende tweeling Willy van der Kerkhof (middenveld) en René van der Kerkhof (voorhoede). Ze speelden allebei mee in het Nederlands Elftal. Ook deze broertjes deden mee met een spotje, in vol ornaat als PSV’ers. Tijdens het BBB-liedje aan het eind hoorden de mensen: ‘Veelkorenbeschuit, de bruine beschuit, boordevol granen, boordevol smaak.’
Een leuke reclameactie hadden we in 1985 en 1986. Bolletje liet toen stripalbumpjes maken die mensen gratis bij hun beschuit kregen. Het onderwerp: de Bolletjesfamilie. Ze beleefden gekke avonturen: het plakkerige Kauwgombolletje, het warrige Wolbolletje en het charmante IJsbolletje. De stripboekjes werden fanatiek verzameld.
Herinner je je de Dik Voormekaarshow nog? Het was een populair radio- en tv-programma met de komiek André van Duin. Zijn shows waren heel populair in de jaren ‘70 en ‘80. Bolletje speelde er op in met zijn reclame. In 1983 genoot het Nederlandse tv-publiek van de Bolletje Ontbijt-op-Bedshow. André speelde Karin Kraak: ‘Zie eens hoe dat smeert! Hoor eens hoe dat kraakt! Kijk eens hoe dat smaakt! Bolletje Veelkoren Beschuit: veel lekkerder!’
Pepernoten, wie kent ze niet? Wij bakken ze sinds 1999 bij Bolletje. Maar we maken ook kruidnoten, al sinds 1983! Wist u dat het strooien met kruidnoten en pepernoten eigenlijk een vruchtbaarheidsritueel is? Daar kom je toch niet op als je die Pieten aan het werk ziet? Pepernoten zijn groter dan kruidnoten. We maken ze van hetzelfde deeg als taaitaai en ze zijn vierkant en zacht. Kruidnoten niet: die zijn rond en hard. In het deeg zitten bloem, suiker en kruiden. Snelle jongens, onze kruidnoten: na zeven minuten in de oven zijn ze al gaar! Sinterklaas is natuurlijk onze beste klant voor kruid- en pepernoten…
3 SEPTEMBER is er meer ‘oud nieuws’ over de Bolletje handwerkwedstrijd.
Bolletje maakt verschillende soorten beschuit, waaronder Echte Beschuit, Volkoren Beschuit, Meergranen Beschuit, 10 zaden Beschuit en vanaf 1981 ook de Twentsche Beschuit. Deze laatste variant is wat groter en brosser. Hij wordt gebakken volgens een ambachtelijk recept. Tja, de Twentsche Beschuit past natuurlijk heel erg bij Bolletje: in het Twentse Almelo zijn we begonnen, anderhalve eeuw geleden en nog steeds zit in Almelo onze grootste vestiging…
Medio jaren ‘80 brengt Bolletje de tv-spotjes die steeds eindigen met het bekende liedje over boer, bakker en Bolletje en hoe mooi ze samenwerken. In de spotjes steken de heren De Boer en Bakker elkaar telkens de loef af: wie zorgt er nu het meeste voor dat al die Bolletje-producten zo lekker zijn? Is het de boer of is het de bakker? Die kwestie levert grappige dialoogjes op tussen de heren De Boer en Bakker. Bijvoorbeeld over de originele Twentsche beschuit. Bakker zegt: ‘Dat is toch het mooiste wat je kunt bakken De Boer? In een originele Twentsche oven! Dat zei mijn vader al en mijn vaders vader en…’ De Boer hoort meneer Bakker smakken en zegt: ‘Mijn vader zei altijd: niet met volle mond praten Bakker!’
En ook in 1996 werd er nog een keer een filmpje gemaakt voor de Twentsche beschuiten. Nog steeds worden de beschuiten ‘met de hand’ gemaakt…
Het getekende bakkertje van Bolletje kent iedereen. Het staat als logo op elk Bolletje-product. Vanaf 1954 gebruikten we bij Bolletje met heel groot succes ook nog andere tekeningen: de cartoons van Volkskrant-striptekenaar Wim Boost. Rond 1978 introduceerde Bolletje kleine stripalbumpjes waarin ‘De Bolletjes’ de hoofdpersoon waren. Elk Bolletje had een eigen karakter en was direct herkenbaar. Klanten kregen de boekjes gratis bij hun beschuit.
De vlot getekende Bolletjesfamilie beleefde gekke avonturen. Het Cactusbolletje trippelt verliefd achter het ballonbolletje aan, het Kauwgombolletje heeft veel last van zijn eigen plakkerigheid, het warrige Wolbolletje ‘houdt niet van jonge poesjes’ en het charmante IJsbolletje sjanst er lustig op los…
De stripboekjes werden fanatiek verzameld.

Net als Bolletje was Van Ark’s bakkerijen b.v. in Heerde (bij Zwolle) een echt, degelijk familiebedrijf. In 1975 nam Bolletje Arks over. Ze maakten er vanaf 1920 beschuit en ontbijtkoek en vanaf 1938 ook biscuit en koekjes. Heel mooie producten die Bolletje sinds 1975 ook maakt…
Vanaf 1970 stapte Bolletje geleidelijk af van de slogan ‘Ik wil Bolletje!’ Een nieuw reclamebureau kwam in 1982 met een vrolijk liedje: ‘Boer-Bakker-Bolletje’. Het legde de nadruk op de hoge kwaliteit van het koren. In het Disney-achtige tekenfilmpje zingt het boertje: ‘Kijk, dit is het beste graan wat ik oogsten kan.’ En juist daarvan maakt ons Bolletjebakkertje natuurlijk het beste wat hij bakken kan… Grappig om te horen dat het boertje een onvervalst Gronings accent heeft. Zoud’n de beste boer’n uit het houge noord’n koum’n?
Wist je dat Bolletje de enige bakker in Nederland is die roggebrood zonder conserveermiddelen maakt? Dat kan dankzij onze eigen, natuurlijke bakmethode met pasteurisatie. Dat doen we al zo sinds 1967. Van gebroken roggekorrels, tarwemeel, water, zout en melkzuur maken wij drie soorten: Traditioneel Friesch Roggebrood, Fries Roggebrood en Volkoren Roggebrood.

Welke kenmerken heeft een echte beschuit? Bros, bruin, rond? Het zou best eens kunnen dat veel mensen het ronde een typisch kenmerk vinden van een ‘echte’ beschuit. Toch durfde Bolletje het in 1966 aan om beschuit op de markt te brengen die helemaal vierkant leek. De verpakking was namelijk vierkant. Een boel voordelen. Niet meer kruimelen of breken. Alle dertien beschuitjes kon je nu veel makkelijker uit de verpakking krijgen. De winkeliers konden de verpakkingen beter stapelen. ‘Bolletje breekt de sleur met radicale verbetering’ kopten de advertenties. ‘De huisvrouw’ – dat kon je toen nog gewoon zo opschrijven! – kreeg een luchtdichtdeksel gratis bij haar vierkante rol beschuit. Zo kon zij haar beschuitjes veel langer vers houden. Een beschuitbus had ze niet meer nodig. Maar wat gebeurde er? Het werd geen succes. Natuurlijk wilden de mensen Bolletje. Maar dan wel in een verpakking waar je direct aan ziet dat er beschuiten in zitten. Dus is die verpakking rond. Bolletje beschuiten zijn immers bruin, bros en… rond?
8 SEPTEMBER is er meer ‘oud nieuws’ over Bolletje.
In 1966 hadden we groot nieuws bij Bolletje: we leverden de beschuit nu in een breukvrije verpakking. En, heel belangrijk, ze werden nu door een machine ingepakt. Het duurde lang voor het zover was, want een rond en teer product als beschuit is moeilijk machinaal te verpakken. Dat gebeurde dus gewoon met de hand. Tot de Schweizerische Industrie Gesellschaft met zijn nieuwe inpakmachine op de proppen kwam. Bolletje bestelde er direct een paar. Veertig rollen per minuut kon de nieuwe aanwinst inpakken. Het verpakkingsmateriaal was golfkarton en pergamijn. De dubbele wikkel werd meteen gesealed: door warmte gehecht. De nieuwe verpakking met binnenvoering beschermde de beschuit heel doelmatig tegen breken.
Ondertussen gebruikte Bolletje de sterk verbeterde verpakkingsmethode ook om de bakkers in Nederland te mobiliseren. Het is tegenwoordig ondenkbaar, maar er was het begin van de jaren ‘60 stevige concurrentie tussen kruidenierswinkels en bakkers. Bolletje beschouwde zijn beschuit als een echt bakkersproduct. Daarom wilden we de beschuit ook alleen via de bakkers verkopen. In zeer grote advertenties in dagbladen en in alle damesbladen werd er geadverteerd: ‘Bakkers, u hebt nu de beste rol beschuit van Europa. Zorg dat u de beschuitomzet in handen krijgt en … houdt!’
Toch kon Bolletje later niet anders dan afstappen van het idee dat de beschuit alleen via de bakker verkocht moest worden. Zoals altijd regelde de markt het zelf: de ‘zelfbedieningswinkel’, later ‘supermarkt’, groeide als kool en kreeg steeds meer marktaandeel ten koste van de zelfstandige bakker. Zo kwam ook Bolletje in de schappen van de supermarkt terecht.
Onderzoek in laboratoria wees uit ‘dat de huisvrouw bijzonder veel sympathie heeft’ voor de nieuwe verpakking van onze Eierbeschuit, zo schreef Bolletje in 1965. Uit psychologische tests blijkt dat de nieuwe blauwe verpakking het heel goed zou gaan doen bij de consumenten. U weet dat die voorspelling helemaal uit is gekomen, want nog steeds steken wij onze beschuit in het vertrouwde blauwe jasje.
Bolletje koos voor een andere, eigenzinnige verpakking om zich duidelijker te onderscheiden van andere beschuitmerken. De markt en het consumentengedrag veranderden snel door de opkomst van de supermarkt en de zelfbediening. Het was en het is nodig om een duidelijk eigen gezicht te hebben in de schappen van de winkel. Dat is goed gelukt, mede dankzij het eigenzinnige blauwe jasje om onze Eierbeschuit…
Bolletje staat altijd met beide benen op de grond als het om reclame gaat. En als je nuchter bent en je ogen en oren open houdt, krijg je prachtige ideeën voor reclame. In 1964 zong de zeer populaire cabaretier Wim Sonneveld (1917-1974) een heel mooi liedje met een tekst van Annie M.G. Schmidt. Het begint zo, met een paar echte ontbijtregels:
Ik zat aan het ontbijt een beschuitje te soppen
Toen zag ik opeens een klein autootje stoppen
Het was een Peugeootje, zo groot, nee, iets groter
Het stond naast mijn theekopje, vlak bij de boter
En ja hor, daar ging het portiertje al open
En kwam een klein vrouwtje naar buiten gekropen
Heel blond in bikini, een beeldig figuurtje
Ze stond op m’n bord en ze vroeg om een vuurtje
Ze zei: ‘Ik heet Margootje’…
Heel Nederland kende Wim Sonneveld, dus heel Nederland kon ‘Margootje’ meezingen. En omdat het liedje begint met het soppen van een beschuitje werd Bolletje uitgenodig voor de opnames. Op een zondagochtend werd Margootje opgenomen, in de Toonder Studio’s in Nederhorst den Berg. De reclameman die er bij was, herinnert het zich nog precies: ‘Wat een meesterlijk talent zeg! Heel vrij, onbevangen en leuk zong Wim Sonneveld de tekst een paar keer door. De techneuten achter de knoppen zetten de muziek erbij en nog geen uur later was alles klaar. In net zo’n optocht als ze gekomen waren, met vier prachtige limousines, vertrok het gezelschap weer. Wim Sonneveld was de enige die lachte en handen schudde. Het liedje werd een groot succes op de radio.’
In 1963 kwam er aan de Almelose Turfkade een belangrijke uitbreiding. Maar liefst 200 nieuwe Bolletjebakkers kwamen erbij. Zij gingen vanaf toen pretzels maken, zoute krakelingen, in de vorm van een knoop gebakken, en pretzel sticks, zoute stokjes. Oorspronkelijk komen de pretzels uit Europa waar ze Brezel (Duits) of Kringlor (Zweeds) heten. Maar in Amerika zijn ze pas echt populair… Vaak kun je ze daar in kraampjes op straat kopen. Bolletje richtte voor de pretzelbakkerij een aparte NV op met Bachman Holland NV. Het Amerikaanse moederbedrijf Bachman Bakeries Corporation is de grootste pretzelfabrikant ter wereld. Ze maakten in 1963 al meer dan tien miljoen pretzels per dag!
Als moderne, ondernemende bakker zorgde Bolletje natuurlijk steeds weer voor reclame-acties die de omzet lieten stijgen. Een reclamecampagne uit 1963 zorgde ervoor dat we zelfs voor de rechter moesten verschijnen. In dat jaar gaven we namelijk zegels cadeau bij Eierbeschuit en Bollykoek. Daarmee konden onze klanten sparen voor gratis repen chocolade. Helaas vond de economische controledienst dat dit in strijd was met het cadeaustelsel. Chocolade was voor Bolletje een ‘branche-vreemd’ product, vond men. Dat vond Bolletje helemaal niet, en onze advocaat maakte dat goed duidelijk. Maar het sterkste argument dat de geëiste boete van 251 gulden onterecht was, kwam uit een reclametekst van concurrent Verkade. Wat deden ze namelijk? Bij aankoop van rollen van hun beschuit kreeg je iets cadeau. Een reep chocolade…
In de jaren zestig spaarden veel mensen speldjes. Je kon ze bewaren in een album met een witte schuimrubberen vulling met rijen gaatjes. In 1962 begon Bolletje ook met speldjes. We hadden onder andere het Bolletje-bakkertje, het brutale Bolletje-jochie, getekend door Volkskrant-tekenaar Wim Boost, en het volkswagenbusje met daarop de tekst ‘Bolletje Eierbeschuit’. Bij een rol beschuit zat één waardebon. Je kreeg die mooie speldjes niet zomaar. Je kon ze krijgen voor drie waardebonnen en zo’n prachtig ouderwets dubbeltje. En dan alleen in de winkel of ‘aan de Bolletje-auto’… Je moest er dus wat voor over hebben, maar dan kon je in het speelkwartier ook eindeloos bezig zijn met ruilen. Wat een jeugdsentiment!
8 SEPTEMBER is er meer ‘oud nieuws’ over de Bolletje Consumenten Kring.
Ontbijtkoek werd al gegeten door de oude Egyptenaren. De Romeinse soldaten aten het ook omdat het zo voedzaam is. In Nederland was ontbijtkoek vroeger een luxe product, iets voor rijke mensen. Dat kwam door de dure kruiden uit het verre oosten die er in zaten. Bolletje maakt sinds de jaren ‘60 zijn ontbijtkoek van roggebloem, water en suikerstroop. De mensen zeggen dat het de smeuïgste en zachtste ontbijtkoek van Nederland is. Wij van Bolletje zijn het daar mee eens!

15 SEPTEMBER is er meer ‘oud nieuws’ over de verkeerslessen van Bolletje.
In 1954 verhuist Bolletje naar het huidige fabriekspand aan de Almelose Turfkade. De bakkerij is een fabriek geworden, Bolletje is de laatste Nederlandse beschuitbakker die fabrikant wordt. Er zijn rond die tijd twintig beschuitfabrieken in Nederland. Vijf jaar later is Bolletje marktleider…

15 SEPTEMBER is er meer ’oud nieuws’ over Bolletje.
Hoe maak je duidelijk dat jouw beschuit de lekkerste is als er nog honderd andere merken zijn? Je noemt hem Ter Beek’s Eierbeschuit. Omdat er eieren, véél meer eieren in zitten dan in andere beschuit. Logisch of niet?

Het is bijna niet meer voor te stellen, maar Bolletje heeft niet altijd Bolletje geheten. Aanvankelijk noemden we ons belangrijkste product gewoon Ter Beeks Eierbeschuit, naar de bakkersfamilie die in de 19e eeuw ons bedrijf oprichtte. Dat bleek een onhandige naam voor het product. Onze beschuit werd vooral verkocht bij bakkers. Die vonden het niet prettig om iets te verkopen met de naam van een andere bakker op de verpakking. In 1952 moest er dus een nieuwe naam komen. Gerard ter Beek en de andere directieleden vonden het heel moeilijk: ‘Mijn broer Jan kwam bij me in de bakkerij. We liepen al pratend langs de band met de bolletjes deeg. Dat beeld zie ik nog zó voor me. Ik zeg ineens tegen Jan: ‘Kiek, doar he’j oewn naam (Kijk, daar heb je je naam).’ Hij zei: ‘Dat is het!’ Toen alle vijf leden van de directie zo ver waren, kreeg een reclamebureau in Enschede de opdracht om het merk Bolletje ‘in de markt te zetten’, zoals dat heet. Dat is buitensporig goed gelukt: de naamsbekendheid van Bolletje is ongeëvenaard hoog in Nederland…
In de jaren voor de oorlog ging het goed met de bakkerij. Er werd keihard gewerkt en de kwaliteit was uitstekend. Gerard ter Beek wist precies waarom dat nodig was: ‘Kwalitatief zaten we toen al bij de top, want kwaliteit ging mij en mijn broers voor alles. Als je de beste waar levert, komen de klanten vanzelf bij je terug.’ Moeder Ter Beek droeg haar steentje bij en stelde voor dat haar vijf zonen allemaal in de bakkerij zouden gaan werken. Moeders wil was wet… In de oorlogsjaren maken ze beschuit, brood en banket. De broers zetten groot in op de beschuitproductie door te gaan werken met een elektrische oven en een automatische baklijn met een transportband. Maar ja, de grondstoffen werden steeds schaarser tijdens de oorlog. Toch kregen de Ter Beeks voldoende rantsoenen vetten en suikers. Dat kwam doordat ze voor de oorlog al grote hoeveelheden geleverd hadden, vooral aan ziekenhuizen. De Duitsers baseerden daarop het rantsoen. Vanaf 1944 kon er nauwelijks meer beschuit gebakken worden omdat levering aan de bakkers niet meer mogelijk was. De nieuwe beschuitbaklijn stond stil. Brood en banket kon nog wel gemaakt worden – met het nodige kunst- en vliegwerk.
Beschuit met muisjes. Is er iets herkenbaarder en traditioneler in Nederland? Bij een jongetje doen we blauwe muisjes en bij een meisje roze. Wist u dat ‘muisjes’ de afgekorte vorm is van… muizekeuteltjes? Niet zo’n smakelijke gedachte, maar gelukkig gaat het niet om echte keuteltjes. Het zijn gesuikerde anijskorreltjes. Ze bestaan sinds 1872.
Als er een konings- of prinsessenkind geboren wordt, doen we oranje muisjes op onze beschuit. Prachtige, verbroederende tradities die een volk tot een volk maken. Zo ging het al toen Beatrix geboren werd op 31 januari 1938. Heel Nederland at beschuit met oranje muisjes. Haar kleinkind prinses Amalia werd geboren op 7 december 2003. Bolletje vond het natuurlijk net zo leuk als de rest van Nederland, dus maakten we een megagrote rol beschuit. Die stopten we vol met rollen Bolletje Beschuit. We overhandigden hem persoonlijk aan de wachtposten bij de poort van Landgoed De Horsten in Wassenaar, waar het prinsesje der Nederlanden woont, het eerste kind van Prins Willem-Alexander en Prinses Máxima. Het NOS-journaal was erbij en bracht verslag uit. Echte Nederlandse tradities die onlosmakelijk verbonden zijn aan zoiets feestelijks als de geboorte van een nieuw prinsesje!
Zoon Bernard is een echte ondernemer. Hij gaat de boer op om beschuit aan bakkers te verkopen. Aan kruideniers werd toen nog niet geleverd. Rond 1927 is Bernard ter Beek de baas. Die reed per bakfiets van Almelo naar Deventer als hij vond dat het nodig was. Ja, hard werken was en is een echte Bolletje-traditie…

Bernard is getrouwd en vader van zeven kinderen. Het waren vijf jongens en twee meisjes: Gerard, Jan, Toon, Lidy, Ben, Tonnie en Karel. In de jaren dertig werden de taken onder de kinderen verdeeld. De jongens werkten in de bakkerij en de meisjes zorgden voor de bakkerswinkel.


Het begint in 1867. Dan koopt Albertus Antonius ter Beek voor zijn zoon een bakkerij met winkel aan de Grotestraat Zuid in Almelo. Zoon Gerardus Johannes is dan 24 en net getrouwd. Hij bakt er iets goeds van: rond 1900 heeft Gerard ter Beek al dertien personeelsleden. Modern is hij ook, want hij werkt in die tijd al met een elektrische roggedeegmachine.